Sinds vele eeuwen wordt op 17 maart, de feestdag van Heilige Gertrudis gevierd met de daarbijhorende “ half maart markten”, zoals de markt in de volksmond wordt genoemd. Deze markt trekt veel volk uit de wijde omgeving. De mensen komen niet aleen voor paarden, maar ook voor de standwerkers, goochelaars, liedjeszangers en commercemannen die hun beste kunstjes komen tonen en hun waren verhandelen. Dat tijdens de Eerste Wereldoorlog de paardenmarkt onder het Duitse bewind doorgaat, is opmerkelijk. De bezetter wil dat het dagelijkse leven van voordien zijn gewone gang weer gaat. Zeker nu de registratiebewijzen zorgvuldig gecontroleerd worden door de beambten. Er is hierover weinig terug te vinden in de archieven. De paardenmarkt gaat door aan de Grote Baan aan het kasteel van Goetsbloets.

Uit de oude krant: “de beroemde paardenmarkt die vele jaren druk werd bezocht door Franse en Duitse kooplui; het aantal verhandelde paarden schommelde toen tussen de 700 a 800. De marktkramers stonden opgesteld langsheen de baan Hasselt Diest tot aan de dreef van Herkenrode hetzij een afstand van 1500 meter.”
Tijdens de oorlogsjaren waren de kooplui uit andere landen afwezig, maar het Duitse leger en Duitse handelaren komen de paarden, die al dan niet in beslag zijn genomen opkopen. De boeren en handelaren kunnen nog paarden verhandelen, meestal wat oudere dieren en jonge veulens om de landbouwactiviteiten verder te zetten. Uit de verslagen van de veeverzekering Sint-Gerlacus en de inventaris van het meldingsambt, hebben de boeren van Kuringen toch voldoende paarden om de bedrijvigheid verder te zetten, maar het dierenbestand is niet meer zo groot als voor de oorlog.

Documentatiecentrum ‘de graef’ Kuringen, “Kuringen in oude prentkaarten”, affiche digitaal archief “de graef”, het digitaal archief “ Het Belang Van Limburg”, WO1-forum.